Biologie van Heelbeen
- -Heelbeen (Holosteum
umbellatum, Rode lijst categorie: BE = bedreigd) is in Nederland
nog op 54 plaatsen aangetroffen en en is zeer sterk afgenomen sinds
de eerste helft van de 20e eeuw. Het voorkomen midden in de bebouwde
kom van Heelbeen is in principe toeval. De juiste groeiomstandigheden
(open, droge plekken op zandige gronden) zijn echter vaak juist in bermen
aanwezig, die kunnen dienen als laatste toevluchtsoord voor van elders
verdwenen soorten, vanwege de sterke achteruitgang van de natuurlijke
biotopen (misschien toelichten met kaartjes uit de verspreidsingsatlas?).
Heelbeen lijkt zich echter zeer moeizaam te verspreiden.
- Heelbeen is een van de vroegste voorjaarsbloeiers. Half maart vertonen
zich de bloemen en in mei begint de plant reeds te verbleken, waarna
ze spoedig is verdwenen. Net zoals in zijn natuurlijke biotoop in Nederland:
wintergraanakkers. Als de granen de bodem geheel gaan bedekken, heeft
Heelbeen zijn groeicyclus volbracht.
- De sterke achteruitgang van Heelbeen, is volgens de ecologische flora
(Weeda e.al. deel1, 1985), grotendeels toe te schrijven aan de verdwijning
van deze soort uit graanvelden. Voor de Tweede Wereldoorlog behoorde
zij met Vroegeling, Klimop- en Handjes-ereprijs tot de kleine, vroeg
bloeiende en in de voorzomer verdwijnende bewoners van wintergraanakkers
op lemige zandgrond. Zware bemesting en gebruik van herbiciden hebben
Heelbeen en Handjes-ereprijs uit de akkers verdreven. Dat ondanks de
sterke afname van de oppervlakte wintergranen Vroegeling en Klimop-ereprijs
zich ook daarbuiten uitstekend weten te handhaven kan niemand zijn ontgaan.
Heelbeen en Handjes-ereprijs, daarentegen, zijn zeer sterk achteruitgegaan
en weten nog maar moeizaam te overleven. Beide plantjes zijn op de rode
lijst beland. Mogelijk spelen naast het beheer de kiemkracht en verspreiding
van het zaad een rol. We zullen het plantje de komende jaren nauwgezet
volgen.
|

|